Na zeven rondes lopen de onderhandelingen voor een nieuwe Cao VVT bijna ten einde. Hoewel we op sommige inhoudelijke onderwerpen nog ver van de werkgevers afstaan, verlopen de gesprekken opbouwend en positief. Onderhandelaar Jan Willem Le Febre biedt een inkijkje in de onderhandelingen tot nu toe en blikt vooruit op de laatste twee onderhandelingsdagen op dinsdag 23 en donderdag 25 juni.
Jan Willem Le Febre: “Tot nu toe verlopen de gesprekken goed en constructief. Er wordt echt gezocht naar hoe we gezamenlijk de uitdagingen binnen de VVT het hoofd kunnen bieden. De belangrijkste uitdaging is het arbeidsmarkttekort, dat bij ongewijzigd beleid naar verwachting oploopt tot 171.000 medewerkers in 2035.”

Aan verschillende knoppen draaien
“Dat tekort willen we op verschillende manieren aanpakken. Enerzijds kijken we hoe we het werk slimmer kunnen doen en de administratieve druk kunnen verlagen. Maar we willen ook de instroom van mensen vergroten en de uitstroom tegengaan. Bijvoorbeeld door de werkdruk te verminderen en ervoor te zorgen dat mensen veilig en verantwoord hun werk kunnen doen, maar ook dat zij voldoende inspraak hebben en zich gewaardeerd voelen. Dat betekent dat we een goede loonsverhoging willen, zodat de loonkloof met de markt kleiner wordt en de VVT vanuit financieel oogpunt aantrekkelijk blijft.”
Concreet en haalbaar
“Ook zijn we samen met de andere vakbonden en werkgevers op zoek naar manieren om bestaande problemen daadwerkelijk op te lossen. En naar wat medewerkers, maar ook instellingen, daarvoor precies nodig hebben. Bij iedere afspraak die we tijdens de onderhandelingen maken, vragen we ons af of het doel duidelijk en concreet is. Maar ook of het uitvoerbaar is en of iedereen weet wat er van hem of haar wordt verwacht.”
De laatste twee dagen
“Iedereen wil graag tot een akkoord komen, maar op sommige inhoudelijke onderwerpen liggen we nog wel een stuk uit elkaar. Dus dat wordt nog hard werken tijdens de laatste onderhandelingen. Maar met veel inzet en goede wil hoop ik dat we aanstaande donderdag tot een akkoord komen. Ik zie in ieder geval dat iedereen hard zijn best doet.”





