skip to Main Content

Cao Gezondheidscentra en AHG

Voor werknemers in dienst van een gezondheidscentrum geldt de Cao Gezondheidscentra. Het gaat om ca. 4.500 werknemers. Op huisartsen in dienst van een gezondheidscentrum is daarnaast de Arbeidsvoorwaardenregeling Huisartsen in Gezondheidscentra (AHG) van toepassing, die deel uitmaakt van de Cao Gezondheidscentra.

Looptijd
De cao loopt van 1 januari 2015 tot en met 31 december 2017.
De oude AHG loopt tot en met 31 december 2016; op 1 januari 2017 is de nieuwe AHG ingegaan.

Salarisverhoging

  • Er vinden in 2016 en 2017 structurele salarisverhogingen plaats van in totaal 3,5% (1,5% per 1 januari 2016, 1% per 1 september 2016 en 1% per 1 juli 2017).
  • Er vinden in 2016 en 2017 structurele salarisverhogingen plaats van in totaal 3,5% (1,5% per 1 januari 2016, 1% per 1 september 2016 en 1% per 1 juli 2017).• Voor huisartsen geldt dat het basissalaris in de AHG is verhoogd. Vanaf 1 januari 2017 is het minimumbedrag van de salarisschaal € 5.865 (was € 5.736) en het maximumbedrag € 6.900 (was € 6.648).
  • In 2016 wordt eenmalig een bedrag van € 800 uitgekeerd (naar rato dienstverband).
  • De eindejaarsuitkering wordt in 2016 met 0,5% verhoogd en in 2017 nog eens met 0,5%.

Standaard arbeidsduur
Er komt (voor nieuwe werknemers) een 38-urige werkweek in plaats van de huidige 36-urige werkweek. Het huidige aantal uren (contractomvang) van de huidige werknemers blijft gelijk.

De arbeidsduur van een huisarts met op naam ingeschreven patiënten wordt niet vastgesteld op basis van het gemiddelde aantal gewerkte uren per week, maar op basis van de tijd die benodigd is om de op naam ingeschreven patiënten de benodigde huisartsenzorg te (doen) geven. Een voltijds dienstverband komt overeen met het aantal op naam ingeschreven patiënten voor de lokaal vastgestelde normpraktijk. De werkgever stelt met instemming van het Lokaal Overleg Huisartsen (LOH) per praktijk de omvang van de normpraktijk vast op basis van de zorgzwaarte, leeftijdsopbouw van de praktijk, de sociaal-economische kenmerken en specifieke lokale omstandigheden. Uitgangspunt voor het overleg is de normpraktijk zoals door de NZa vastgesteld. Bij wijziging van de omstandigheden of aanpassing van de NZa-norm wordt de omvang van de lokale normpraktijk heroverwogen. De normpraktijk voor 2018 is door de NZa vastgesteld op 2.095. In 2017 was de NZa-norm 2.168.

Vakantieverlof
De werknemer heeft in het kader van de cao recht op 180 vakantie-uren met behoud van salaris, zijnde 25 vakantiedagen. De huisarts heeft recht op 30 vakantiedagen per jaar bij een volledig dienstverband.

Belangrijkste cao-resultaten

Specifieke bepalingen voor niet-huisartsen in de cao:

  • Er worden 16 functiegroepen gehanteerd en er komen ‘zwevende’ salarisschalen waarbij alleen het minimum- en het maximumbedrag van de salarisschalen zijn vastgesteld.
  • Het dagvenster is verruimd van 08.00 – 19.00 uur naar 07.00 – 20.00 uur. Ter compensatie zijn de toeslagen ORT en ANW met enkele procenten verhoogd.
  • Het leeftijdsverlof is afgeschaft. In plaats daarvan krijgt iedere werknemer 2 extra bovenwettelijke dagen (in 2 stappen: 1e extra dag in 2017 en 2e extra dag in 2018).
  • De regeling ‘leeftijdsbewust personeelsbeleid’ (extra vrije tijd voor 55-plussers) vervalt. Er komt een hoofdstuk ‘Loopbaanbeleid’. De werkgever stelt 3% (was 2%) van de loonsom beschikbaar voor loopbaanbeleid.
  • Er komt een werkgroep Farmacie/Apotheken, die zich gaat buigen over de positie van apothekers in gezondheidscentra. De leden worden hierbij betrokken.

Specifieke bepalingen voor huisartsen in de nieuwe AHG:

  • Werkgevers en huisartsen kunnen resultaatafspraken maken om extra inkomsten te genereren.
  • Het doel van de nieuwe AHG is dat het inkomen van de huisartsen (basissalaris + meer-inkomsten) omhoog gaat. Om te voorkomen dat huisartsen er tot en met 2019 niet op achteruitgaan, is een garantieregeling opgesteld.
  • De verantwoordelijkheden, maar ook de invloed van de huisartsen zijn vergroot door huisartsen onder andere verantwoordelijk te maken voor de kwaliteit, continuïteit en doelmatigheid van de zorg. Ook komt er een ‘lokaal overleg’ tussen een afvaardiging van de huisartsen en de werkgever.
  • Het waarneembudget wordt per 1 januari 2017 verhoogd naar € 9.450 (is nu € 9.100).
  • Het persoonlijk budget bedraagt vanaf 1 januari 2017 € 4.500 (was € 4.354 per 1 januari 2014).
  • De regeling leeftijdsdagen/leeftijdsbewust personeelsbeleid voor de huisartsen vervalt. Hiervoor is een compensatieregeling afgesproken, waarin staat dat de huidige rechten behouden blijven. Huisartsen die nu (peildatum 31 december 2016) al leeftijdsdagen hebben, blijven daar dus recht op houden. Er komen geen leeftijdsdagen meer bij. De huisartsen die in het kader van de regeling leeftijdsbewust personeelsbeleid hebben gekozen voor een bruto voorziening in plaats van de leeftijdsdagen behouden deze voorziening (ook hier peildatum 31 december 2016).Voor alle huisartsen die niet al onder deze regelingen vielen, komen er nu verlofdagen bij: vanaf 2017 1 dag en in 2019 nog eens 0,5 dag. In het kader van de totale compensatie is tevens 0,48% salarisverhoging vanaf 1 januari 2017 voor de ‘huisarts met patiënten op naam ingeschreven’ afgesproken. En met ingang van 1 januari 2017 is geen werknemersdeel voor het arbeidsongeschiktheidspensioen verschuldigd. De totaal verschuldigde premie komt voor de rekening van de werkgever.
  • Er komt een nieuwe functie bij: ‘huisartsen zonder patiënten op naam ingeschreven’. Het maximumsalaris voor deze functiegroep is € 6.300 bruto per maand voor een voltijd dienstverband van gemiddeld 40 uur per week. Het minimum is 79% van dit bedrag (€ 4.977 bruto per maand). De schaal omvat 7 stappen van 3%. Elke huisarts zonder ingeschreven patiënten met een arbeidsovereenkomst van een jaar of langer, krijgt met ingang van 1 januari 2017 een persoonlijk budget waaruit scholing en andere persoonlijke functie- en beroepsgebonden uitgaven op declaratiebasis betaald kunnen worden. Het persoonlijk budget bedraagt met ingang van 1 januari 2017 € 2.000 per jaar ongeacht de omvang van het dienstverband, vermeerderd met € 2.500 naar rato van het dienstverband.

Pensioen
Het pensioen is ondergebracht bij PFZW (Pensioenfonds Zorg en Welzijn).

Standaard of minimum-cao
Standaard-cao. Van de Cao Gezondheidscentra mag alleen worden afgeweken als het gaat om afspraken tussen u en uw werkgever die vóór 1985 zijn gemaakt en die in gunstige zin afwijken van de cao.

Cao-partijen
Werknemersorganisaties: LAD/FBZ, FNV.
Werkgeversorganisatie: InEEn.

Klankbordgroep
Er is een klankbordgroep voor deze cao, die input geeft voor de LAD-inzet voor een nieuwe cao. Ook vindt gedurende de onderhandelingen afstemming plaats met de klankbordgroep. Verder wordt het uiteindelijke onderhandelingsresultaat besproken alvorens dit via een ledenraadpleging aan de leden wordt voorgelegd.

Achtergrond van deze cao

De AHG geldt voor huisartsen in dienst van een gezondheidscentrum en maakt als hoofdstuk AHG deel uit van de Cao Gezondheidscentra. De AHG is een complete arbeidsvoorwaardenregeling met uitzondering van:

  • een aantal van toepassing verklaarde cao-regelingen (wachtgeld, pensioenregeling, duur arbeidsovereenkomst, jubileumgratificatie en werkgeversbijdrage Zorgverzekeringswet);
  • de voor de cao geldende afspraken met betrekking tot salaris-/premiesystematiek (inclusief eindejaarsuitkering). Voor deze punten gelden de bepalingen uit de cao.

Contactpersoon

Lilian de Groot

Eerste onderhandelaar voor deze cao

T 088 – 13 44 100
E: l.degroot@lad.nl

Tweede onderhandelaar voor deze cao:
Robert Barendse